6 Groenblijvende varens

November 13, 2017

Varens in de tuin staan het liefst in de (half)schaduw, in goed doorlatende grond. Ze houden niet van wind en al helemaal niet van zon; te sterk en te veel zonlicht laat het blad verschroeien. Een uitzondering hierop zijn de rotsvaren (Cheilanthes) en sommige eikvarensoorten, bijvoorbeeld de gewone eikvaren (Polypodium vulgare), zie foto. Deze verdraagt juist wél zon, blijft groen in de winter en groeit op elke grond.

6 Groenblijvende varens:

1) Gewone eikvaren (Polypodium vulgare). Een oorspronkelijk inheemse varen. Zeer sterk met geveerd, papierachtig blad. Wintergroen. Groeit vaak onder eiken of in boomholtes, bijvoorbeeld op knotwilgen. Voor in een natuurlijke tuin;

2) Steenbreekvaren (Asplenium trichomanes). Heeft een bijna zwarte bladsteel en samengesteld, veervormig blad. Groeit tussen rotsen en oude muren. Verlangt kalkrijke grond en is uitermate geschikt voor in de rotstuin;

3) Tongvaren (Asplenium scolopendrium). Is een ideale bodembedekker met mooi, glanzend groen blad dat in het begin lichtgroen van kleur is en later donkerder wordt;

4) IJzervaren (Cyrtomium falcatum). Een sterke varen met enkel geveerd, glanzend donkergroen blad. Het beste kan de kroon van de plant in de winter worden beschermd; 

5) Zachte naaldvaren (Polystichum setiferum). Een prachtige varen, fraai om te zien. Is in Nederland zeldzaam in het wild en staat op de Nederlandse Rode lijst. De blaadjes kunnen soms een naald of scherpe stekel hebben;

6) Olifantslurfvaren (Dryopteris atrata). Een mooie varen met enkel geveerde, frisgroene bladeren en bladstelen. De nerven aan de onderkant zijn bedekt met zwarte schubben. Jonge, zich uitrollende bladeren zijn bijna zwart en lijken op de slurf van een olifant. Winterbescherming is nodig.

Er zijn ook varens die in het najaar, of door vorst hun blad verliezen. Het blad wordt dan bruin en sterft af en in het voorjaar vormen ze opnieuw blad.

 

 

 

 

Share on Facebook
Share on Twitter
Please reload