Nestkastjes ophangen

November 18, 2017

Dit nestkastje kreeg ik voor mijn verjaardag; het is een spreeuwenkast. Hiervoor hing er een ander, waar de spreeuwen elk jaar in broedden. Het hangt beslist niet op de meest ideale plek, zo vlak bij de schuurdeur en met weinig groen eromheen. Maar toch keren de spreeuwen hier trouw, elk jaar weer naar terug om er te nestelen en hun jongen groot te brengen. Helaas ging hun oude nestkast stuk en nu hebben we deze opgehangen. 

Het najaar is de juiste tijd om nestkastjes op te hangen. Vogels zijn namelijk nu al op zoek naar goede nestgelegenheid. Ook gebruiken ze nestkastjes om in te slapen en te schuilen tegen de regen en de kou. 

Nestkasten zijn er in allerlei soorten en maten, elke vogelsoort heeft zijn eigen type nestkast. Kijk eens welke vogels je tuin bezoeken en kies een nestkast op basis van deze tuinbezoekers. Elke vogel heeft een specifieke voorkeur voor een invliegopening. Koolmezen, bijvoorbeeld, hebben liefst een invliegopening van 32mm doorsnee. Schaf de juiste nestkast aan of maak er eentje zelf (https://www.vogelbescherming.nl/in-mijn-tuin/nestkasten/zelf-een-nestkast-maken).

Tips voor het ophangen van het nestkastje (bronnen: De Vogelbescherming, Vivara):

  1. Hang het stevig op, zodat het niet kan gaan wiebelen of vallen;

  2. Kies een rustige plaats, ver van vogelvoerplaatsen, vogelbadjes en zitplekken (het terras) of de voordeur;

  3. Hang nestkastjes niet in de volle zon (niet op het zuiden);

  4. Hang ze beschut tegen de wind en regen, met de vliegopening naar het noorden, noordoosten of oosten (in tegenovergestelde richting waar de wind vandaan komt, dat is in Nederland en België vaak het zuidwesten);

  5. Hang de nestkast 1,5-2m van de grond;

  6. Zorg dat er beplanting rondom de kast is; dat geeft de jonge vogels straks ondersteuning en goede beschutting. Houd wel de aanvliegroute en de vliegopening vrij van takken;

  7. Plaats nestkastjes niet te dicht bij elkaar: kasten voor verschillende soorten minstens 3m en voor dezelfde soort minstens 10m uit elkaar. ! Deze regel geldt niet voor de zogenaamde koloniebroeders (huismussen, zwaluwen, spreeuwen). Zij wonen juist graag bij elkaar; hang voor hen meerdere nestkasten naast elkaar op;

  8. Halfopen kasten - voor holenbroeders, als roodborstjes, winterkoning en merels - juist wel in de begroeiing hangen, bijvoorbeeld tussen de klimop of in een heg;

 

Maak in september/oktober de nestkastjes weer schoon: haal eerst het oude nestmateriaal eruit, giet kokend water in de kast om de parasieten (vlooien, luizen...) te doden - een sopje hoeft niet - en borstel de kast schoon. Goed laten drogen.

 

 

 

 

 

Share on Facebook
Share on Twitter
Please reload