8 Bodembedekkers

January 16, 2018

Geniet je van je tuin maar heb je weinig tijd om erin te werken? Met het aanplanten van bodembedekkers - vaste planten die laag en breed uitgroeien en een dicht 'tapijt' vormen - kun je onkruidgroei tegengaan en hoef je niet te wieden! Klinkt dat niet aantrekkelijk? Er is keuze genoeg en er zijn ook soorten die wintergroen zijn:

  1. Kleine maagdenpalm (Vinca minor): zeer sterke en mooie wintergroene plant - eigenlijk een heester - met glanzend donkergroen blad en kruipende stengels; zie foto. Hoogte: 15-20cm hoog. Winterhard. Bloeit met lichtblauwe bloemen (februari-mei) maar er zijn ook cultivars met witte (bijvoorbeeld Vinca minor 'Aba'; Vinca minor 'Gertrude Jekyll') en roodpaarse bloemen (Vinca minor 'Atropurpurea'). Er bestaan ook bontbladige cultivars. Voor een plekje in half- of zelfs diepe schaduw onder heesters en bomen. Houdt van vocht doorlatende, niet te natte grond. Onderhoud: sliertige twijgen in het voorjaar afknippen tot op zo'n 15 cm boven de grond;

  2. Grote maagdenpalm (Vinca major): wintergroen. Lijkt op de kleine maagdenpalm maar wordt hoger 30-50cm en groeit meer opgaand met grotere bladeren en bloemen. Matig tot goed winterhard. Bloemkleur: helder blauw (februari-mei) of wit (Vinca major 'Alba'). Er zijn ook bontbladige soorten (bijvoorbeeld Vinca major 'Reticulata'; Vinca major 'Variegata'). Voor in de schaduw op vocht doorlatende, niet te natte grond. Terugknippen in het voorjaar als de twijgen te lang worden of als je de groei wilt te stimuleren;

  3. Ooievaarsbek (Geranium macrorrhizum): goede, sterke bodembedekker met vlezige ondergrondse wortelstokken en rond gelobt blad - middelgroen - dat zacht aanvoelt. Winterhard. Behoudt zijn blad in de winter en krijgt in milde streken vaak nog een oranjerode herfstkleur. Bloeit met mooie ooievaarsbek-achtige bloemen in kleuren variërend van wit tot paarsrood (april-juli). Groeit zowel in de zon als in de (half)schaduw in elke grondsoort; zelfs in droge schaduw, bijvoorbeeld aan de voet van bomen. In het voorjaar lelijk blad wegknippen;

  4. Vrouwenmantel (Alchemilla mollis): een makkelijke en fraaie vaste plant met opvallend, bijna rond behaard blad dat iets gekarteld is. Winterhard. Bloeit met luchtige, geelgroene bloemen (mei-augustus). Hoogte 30-50cm. Doet het zowel in de zon als in de (half)schaduw, al is de bloei in de schaduw minder uitbundig. Groeit in vrijwel elke grond, liefst niet te droog. Zaait zichzelf uit. Na de bloei en/of als het blad gaat verdorren volledig terug knippen tot op 5cm boven de grond. Hierna verschijnt er weer jong, fris blad. Goede snijbloem. Bekend om de 'waterparels' in de bladeren (guttatie = wateruitscheiding door de plant die plaatsvind bij een teveel aan water, vaak bij een hoge luchtvochtigheid, zie blogpost 'Waterdruppels' van 10 oktober 2017);

  5. Bonte - of gevlekte gele dovenetel (Lamium galeobdolon 'Florentinum'): vaste plant met prachtig bont blad voor in humusrijke grond. Vermeerdert zich via wortelstokken. Wintergroen en winterhard. Bloeit met gele bloemen vanaf april/mei. Geliefde nectarplant. Schaduw tot halfschaduw. Mooi voor in een bostuin onder bomen en heesters. !Snoei tijdig terug om 'm in toom te houden en woekeren te voorkomen;

  6. Schuimbloem, schuimkaars of Perzische muts (Tiarella cordifolia): een goede plant met lichtgroen, hartvormig blad. Breidt zich uit met worteluitlopers. Bloeit met prachtige, roomwitte bloemen in pluimvormige aren (mei-juni). Het blad verkleurt in de herfst purperrood en sterft 's winters af. Hoogte 10-20cm, maar de bloemstengels zijn hoger. Schitterend als 'tapijt' onder heesters. Voor in de halfschaduw op bij voorkeur humus- en kalkrijke, vochtige grond;

  7. Dikkemanskruid of schaduwkruid (Pachysandra terminalis 'Green Carpet'): sterke, wintergroene plant - heester - met glanzend, donkergroen blad. De 'Green Carpet' variëteit is mooier om te zien en iets lager dan de gewone Pachysandra terminalis en is minder gevoelig voor bladverkleuring in de zon. Breidt zich uit door veel ondergrondse uitlopers. Voor in de (half)schaduw (hoogte 25cm) in iedere goed doorlatende bodem. Crêmewitte bloemhoofdjes in april/mei. !Maar: sinds enkele jaren is er een schimmel (Volutella pachysandricola), die de plant kan aantasten. Onder normale omstandigheden krijgt deze schimmel geen kans maar bij langdurig warm vochtig weer kan hij toeslaan. De takken krijgen kleine knobbeltjes en bladeren worden bruin gevlekt. Zo gauw je dit ziet dien je alle geïnfecteerde delen te verwijderen en te vernietigen;

  8. Stekelnootje (Acaena): laag groenblijvend plantje met geveerd en gekarteld blad en liggende stengeltjes. Vormt een dichte 'mat. Bloeit met kroonloze bloemen die een klein, open bolletje vormen (juni-september). Geeft in het najaar veel decoratieve, stekelige vruchtjes die bruin tot roodpaars zijn. Het stekelnootje groeit zowel in de halfschaduw als in de volle zon en is een snelle groeier. Het staat liefst in kalkrijke grond, maar is niet al te veeleisend. Niet te nat en afdekken bij strenge vorst. Een aanrader voor kleine tuinen of tuingedeelten, bijvoorbeeld in rotsachtige tuingedeeltes. Er bestaan meer dan 70 varianten! Bijzonder mooi, met grijsgroen gekarteld blad, is Acaena buchananii. Witte bloempjes (juni/juli) en 2-5cm hoog. Acaena microphylla 'Kupferteppich' - afkomstig uit Nieuw-Zeeland - is de meest gecultiveerde soort. De plant heeft een wat donkerder bladkleur dan de soort, grijsgroen, dat 's winters koperkleurig is. Na de bloei (witgroen, juni-september) verschijnen de opvallend bruinrode vruchtjes. Hoogte 5-15 cm. De Acaena microphylla 'Kupferteppich' is goed winterhard en staat graag in de zon. Ook interessant in een Oosterse - of Japanse tuin.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Share on Facebook
Share on Twitter
Please reload