Koninginnehommel

April 10, 2018

Een dikke hommelkoningin bezoekt de viooltjes. Ze schommelt zwaar aan de bloemen en de viooltjes bezwijken bijna onder haar gewicht. Volgens mij is dit een aardhommel (Bombus terrestris), zwart met twee gele banden; eentje achter de kop en de andere om de voorrand van het achterlijf. Witte achterlijfpunt. Aardhommels vliegen bovendien als eerste in de lente rond. 

In Nederland en België komen ongeveer twintig soorten hommels voor. Veel voorkomende soorten zijn de aardhommel (Bombus terrestris), de akkerhommel (Bombus pascuorum), de tuinhommel (Bombus hortorum), de steenhommel (Bombus lapidarius) en de weidehommel (Bombus pratorum). Een aantal hommelsoorten is sterk in aantal achteruit gegaan en er zijn ook soorten waarvan het niet bekend is hoe het met ze gaat, zoals de heidehommel (Bombus humilis). 

Vrijwel alle hommels hebben banden van gekleurde haren op hun lijfje. Een onderzoek uit 2015 toonde aan dat een hommel gemiddeld wel 3 miljoen haren op het lichaam heeft! Iedere hommelsoort heeft zijn eigen, karakteristieke kleurencombinatie van banden en haren. De steenhommel bijvoorbeeld, is gemakkelijk te herkennen: zwart lichaam met een oranje punt op het achterlijf. Toch is determinatie niet altijd gemakkelijk, want er bestaan zeer veel variaties.

In de lente verzamelt de koningin eerst wat nectar en later stuifmeel. Na enkele weken zoekt ze een geschikte plek voor haar kolonie en bouwt hierin een bolvormig nestje van in stukjes gebeten stukjes plant (zo'n 3-5cm in doorsnee). Hommelnesten worden vaak in oude, verlaten muizenholletjes of goed verscholen onder graspollen of mos gebouwd. Er zijn ook hommelsoorten die hun nest op hogere plekken bouwen, in oude vogelnesten, boomholtes en soms zelfs in nestkastjes.

 

 

 

 

 

 

Share on Facebook
Share on Twitter
Please reload