Leven en dood

April 22, 2018

Op het pad vond mijn man een bijna gaaf, lichtblauw eitje. Het is een eitje van een spreeuw (Sturnus vulgaris) en er zitten twee minuscule deukjes in. Tegenover elkaar; waarschijnlijk heeft een ekster, Vlaamse gaai of specht het eitje hier vast gehad in z'n bek toen hij het uit het nest roofde.

Wat mooi en tegelijkertijd zo triest. Het spreeuwtje in wording is nog vóór het geboren heeft kunnen worden gestorven. Zijn of haar levenscyclus werd wreed verstoord. Maar ja, de rover moet ook leven en heeft misschien al wel jongen die gevoerd moeten worden. Zo gaat dat in de natuur; leven en dood liggen vlak bij elkaar. Ik leg het eitje voorzichtig terug waar P. het bewaarde, in de keuken bij de vensterbank.

Diezelfde dag rijden we hals over kop naar mijn moeder, om haar bij te staan - haar leven loopt ten einde. Ze wou honderd worden maar haar lichaam gaf het op. Inmiddels is ze overleden en vond eindelijk weer rust. Lieve mama.

Thuisgekomen, in een soort van roes loop ik de keuken in en mijn oog valt plotseling op het eitje: het is tijd om er afstand van te doen. Ik pak het voorzichtig in mijn hand, neem een foto en laat het eitje los tussen het groen van de coniferen. Ondertussen biggelen er een paar tranen langs mijn gezicht omlaag en ik denk: was het omgaan met de dood van innig geliefd persoon maar zo simpel. Want dat en dan vooral het gemis is beslist geen eitje.

 

 

Share on Facebook
Share on Twitter
Please reload