Meer (over) paddenstoelen

October 29, 2019

Op een paar stronken van de afgezaagde wilgentenen hut groeien piepkleine, paarse paddenstoelen. Ze lijken op de vruchtlichamen van de paarse knoopzwam (Ascocoryne sarcoIdes), een zakjeszwam.

De zakjeszwammen (ascomyceten) vormen een grote groep paddenstoelen waarbij de sporen inwendig gevormd worden, in minuscule zakjes. Dit is slechts waarneembaar onder een microscoop. Als de sporen rijp zijn worden ze naar buiten geschoten. Een bekender groep vormen de steeltjeszwammen (basidiomyceten). Zij vormen hun sporen uitwendig. De sporen zitten op korte steeltjes op de buitenkant van specifieke cellen, de basidiën. Tot deze groep behoren o.a. alle plaatjeszwammen (vliegenzwam), boleten (eekhoorntjesbrood), de gaatjeszwammen (elfenbankje, echte tonderzwam), stekelzwammen, de meeste koraalzwammen (kleverig koraalzwammetje) en nog een aantal vormgroepen. 

Tot de zakjeszwammen behoren zowel opvallende paddenstoelen (bekerzwammen, morieljes) als heel veel onopvallende kleine soorten. Dat zijn soms niet meer dan kleine stipjes op bladeren of op hout. Ruim zestig procent van alle wereldwijd beschreven paddenstoelensoorten zijn zakjeszwammen.

De paarse knopzwam groeit op dood, rottend hout van naald- of loofbomen en behoort tot de afval- verwerkers.

 

Afvalverwerkers, parasieten en samenwerkers

Paddenstoelen halen, grofweg, hun energie uit dood of levend organisch materiaal. Het zijn afval- verwerkers (sapofyten), samenwerkers (mycorrhiza-vormende schimmels) of parasieten. De meeste soorten paddenstoelen die in onze tuinen voorkomen zijn saprofyten. Opruimers. Ze leven meestal van plantenresten (afgevallen blad, naalden, kegels van naaldbomen, dood hout), maar soms groeien ze op dierlijke resten zoals veren, haren, braakballen en mest. Zodra de omstandigheden gunstig zijn - vocht en lage temperaturen - beginnen ze te groeien. De herfst is het paddenstoelenseizoen bij uitstek, maar wie goed zoekt kan het hele jaar door paddenstoelen vinden, als zijn het er beduidend minder in januari en februari wanneer het flink koud is.

Paddenstoelen, de eigenlijke vruchtlichamen, hebben slechts een beperkte levensduur. Plaatjes-zwammen en boleten leven niet lang. Dit varieert van enkele uren (bij sommige inktzwammen) tot enkele weken (cantharel). Onder de gaatjeszwammen komen paddenstoelen voor die enkele jaren kunnen leven. De echte tonderzwam is er zo eentje.

Verweg de meeste paddenstoelen in de tuin zijn niet giftig. De zwammen komen vaak elk jaar op dezelfde plek terug omdat daar voedsel zit en zich daar nog het mycelium - netwerk van schimmeldraden - van het vorige jaar bevindt. 

 

Mycorrhiza-vormende schimmels

Veel schimmelsoorten leven in symbiose met bomen en planten. Zo'n samenwerkingsverband is zowel voor de schimmel als voor de boom of plant gunstig. Dit zijn de mycorrhiza-vormende schimmels. Ze groeien met hun schimmeldraden (mycelium) tussen de wortels van bomen of planten. Het komt erop neer dat de schimmel van de boom de benodigde koolhydraten (zetmeel en suiker) afneemt en dat de boom daar water met daarin opgeloste mineralen en sporenelementen voor terug krijgt. Dit werkt efficiënter dan als de boom dit zelf zou doen met z'n grovere wortels. De zwam voorkomt uitdroging van de boomwortels en houdt zware metalen en parasieten weg van de boom. Ook zorgt het mycelium voor stabiliteit.

Veel mycorrhiza-soorten hebben een specifieke voorkeur voor één bepaalde boom. Een bekend voorbeeld van symbiose is de vliegenzwam (Amanita muscaria). Deze staat vaak onder berken maar kan ook in symbiose leven met tamme kastanje, eik, beuk en ook wel met den en spar. De vliegenzwam is volledig afhankelijk van de samenwerking met bomen. Berken werken samen met verschillende soorten paddenstoelen. Eiken zouden met 50 soorten paddenstoelen een symbiose hebben. De kaneelkleurige melkzwam staat altijd onder eiken. Andere soorten zijn minder kieskeurig. De aardappelbovist en de rodekoolzwam nemen het niet zo nauw en groeien onder alle soorten bomen.

Wist je dat meer dan 90% van alle hogere planten zo’n symbiose aangaan met een of andere schimmel? 

 

Parasieten

Een aantal zwammen zijn parasieten. Ze leven ten koste van andere organismen. Dit zijn meestal planten of bomen, maar ook mossen, dieren en andere paddenstoelen kunnen slachtoffer worden. Dat hoeft niet altijd tot de dood van de gastheer te leiden. In het vorige tuinstukje noemde ik de weidekringzwam al, die op gras parasiteert. De berkendoder of berkenzwam (Piptoporus betulinus) groeit voornamelijk op dood berkenhout of op verzwakte berken. Als je een berkendoder op een levende berk aantreft zal de boom uiteindelijk het loodje leggen. De zwamdraden breken bepaalde stoffen in het hout af (cellulose en hemicellulose). Hierdoor wordt het hout bruin en valt uit elkaar in een brokkelige structuur. Dit heet bruinrot. Er zijn ook zwammen die alle bestanddelen van hout afbreken. Hierdoor bleekt het hout en krijgt een zachte, vezelige structuur; witrot. Zwammen die witrot veroorzaken zijn de honingzwam, elfenbankje, tonderzwam en de dennenmoorder. Honingzwammen (Armillaria) groeien op gezonde bomen. In Nederland komen vijf soorten honingzwammen voor. Bomen die door de echte honingzwam worden aangetast sterven vaak relatief snel en worden zeer instabiel waardoor ze makkelijk omvallen. De moerashoningzwam, zowel in Nederland als Vlaanderen zeer zeldzaam, is in tegenstelling tot de andere honingzwammen géén parasiet maar juist een saprofyt, een opruimer. Deze groeit ook niet op hout maar in natte bodems (moerassen)! 

De rupsendoder is een apart geval van een parasiet. Rupsen en nachtvlinders komen soms in aanraking met de sporen. Als de rups zich gaat verpoppen groeit de zwam uit tot oranje knotsje.

Dan zijn er ook nog zwammen parasiteren op zwammen. De Kostgangerboleet (Pseudoboletus parasiticus) is er zo eentje. Alle boleten werken samen met bomen maar de kostgangersboleet niet. Dat is een echte parasiet die aan de basis van de gele aardappelbovist groeit, alleen of in groepjes. De boleet laat de vruchtlichamen van de gele aardappelbovist verschrompelen vóór ze sporen kunnen vormen. De plaatjeszwamgast (Asterophora parasitica) parasiteert op russula's en de parasietbeurszwam (Volvariella surrecta) op nevelzwammen.

 

Rode Lijst

Het gaat al decennia lang niet goed met de paddenstoelen. Van all soorten die er in Nederland voorkomen (zo'n 4800) staat er één derde op de Rode Lijst van bedreigde soorten. De grootste bedreiging vormen vermesting en verzuring. Zelfs natuurbeheerders hebben niet altijd oog voor de mycoflora van een gebied. Zo worden naaldbossen al gauw bestempeld als soortenarm terwijl daar vaak meer paddenstoelensoorten staan dan er planten-, mossen en korstmossoorten te vinden zijn. Een aantal paddenstoelen daarvan komt juist alléén in naaldbossen voor! Van deze soorten (475) staan er nog veel meer op de Rode Lijst, nl. 70 %. 

 

(Bron: artikel uit het Vakblad Bos, Natuur & Landschap; Waddenzeeschool; Nature Today; Basisboek Paddenstoelen - Nico Dam, Thom Kuyper, Marjo Dam)

Paarse knoopzwam? ^

Gewone glimmerinktzwam ^ 

 

 

 

 

Share on Facebook
Share on Twitter
Please reload