Slangenkruid

November 7, 2019

De twee slangenkruid zaailingen die ik van de zomer plantte zijn gelukkig goed aangeslagen. Daar ben ik heel blij mee. Slangenkruid (Echium vulgare) was namelijk één van de lievelingsplanten van mijn vader en is dat nu ook van mij. Het is een inheemse wilde plant uit de familie van de Ruwbladigen (Boraginacea) met prachtige helderblauwe bloemen die verspreid aan 'n lange aar zitten. Bijzonder is dat de bloemen in knop rose zijn en vlak voor ze opengaan pas blauw worden. Zo'n verandering van bloemkleur is niet ongewoon, het zit in de familie. Andere planten uit de Ruwbladigenfamilie zoals vergeet-mij-nietjes (Myosotis), longkruid (Pulmonaria) en ossentong (Anchusa) hebben ook roze bloemknoppen en blauwe bloemen. Deze kleurverandering komt door verandering in de pH-waarde van het sap in de planten-cellen. In wat zuurdere grond zijn de bloemkleuren nog dieper blauw, net zoals dit bij sommige hortensia's het geval is als ze in zure grond staan.

Ik plantte de slangenkruidjes opzij van de oprit. Daar zijn de omstandigheden het meest gunstig voor de planten: de grond is er zanderig, arm, goed water doorlatend en hopelijk komt er genoeg zon.

 

Gewoon slangenkruid

Gewoon slangenkruid of blauw slangenkruid is een tweejarige inheemse plant. Het eerste jaar ontwikkelt zich de bladrozet met vrij forse bladeren en in het tweede jaar of soms later vormt zich de bloemstengel. Op de stengel staan borstelige haren en ook op de bladeren zitten kleine stekelige haartjes. Het zijn statige planten die wel wel een meter hoog kunnen worden. Slangenkruid groeit op zonnige open plekken met voedselarme, droge en kalkrijke grond: in de duinen (kalkrijk!) en op verstoorde grond zoals op spoordijken, industrieterreinen, langs fietspaden, bij parkeerplaatsen e.d. gedijt de plant. De bloeitijd is van mei tot en met september. 

Slangenkruid is nectarrijk en dus een echte insectenplant. Een honingmerk op de bloemen wijst vlinders, bijen en zweefvliegen de weg. Slangenkruid is waardplant voor een aantal vlinders, o.a. de distelvlinder (Cynthia cardui). Voor de gevlamde grasmot (Cynaeda dentalis) - daar had ik zelf ook nog nooit van gehoord - is het zelfs de enige waardplant. Het vlindertje is zowel in Nederland als België schaars en leeft in de duinen en Zuid-Limburg.

De zaden van slangenkruid zijn rijk aan olie en zijn daarom populair bij vogels. Zaden blijven lang kiemkrachtig. Hierdoor duikt de plant soms plotseling ergens op.

Slangenkruid laat zich lastig verplanten vanwege de lange penwortel. Zaai bij voorkeur op de plaats van bestemming of plant de zaailingen - als je ze voorzaait - als ze nog klein zijn uit met een flinke kluit aarde. De zaden hebben kou nodig om optimaal te kunnen ontkiemen. Kweek de jonge plantjes koel op (onder 5°C). 

 

Soorten

Het plantengeslacht Echium bestaat uit ca. 60 soorten. De planten groeien in het wild in heel Europa. Alleen het gewoon slangenkruid komt van nature bij ons voor. Veel soorten Echium groeien op Madeira of de Canarische Eilanden:

  • Echium candicans - staat bekend als de nationale bloem van Madeira. De plant wordt ook wel de 'Trots van Madeira' genoemd. Dit slangenkruid groeit daar op een hoogte van 800 - 1400 m en is vrij zeldzaam. De plant groeit in een struikvorm en heeft een breed bladrozet en donzig blad. De bloemstengel kan wel 2 m hoog worden en de bloemtrossen zijn zo'n 45 cm lang! De bloemen zijn meestal blauw, een heel enkele keer wit of roze.

  • Echium wildpretii - komt van het eiland Tenerife waar het vooral in het nationale park Teide groeit Daar, in het gebied dat gedomineerd wordt door de Pico del Teide, de grootste vulkaan van het eiland en de hoogste berg van Spanje, groeien indrukwekkende slangenkruiden van 1-3 m hoog. De bloempjes zijn eerst rood maar verkleuren later naar blauw! E. wildpretii wordt ook wel 'Toren van juwelen', rode ossentong of Teide ossentong genoemd. 

  • Echium pininana - een van de grootste slangenkruiden. Staat bekend als reuzenslangenkruid, alhoewel die naam soms ook aan andere soorten gegeven wordt. Dit slangenkruid komt voor op het Canarisch eiland La Palma. De plant kan tot 4 m (!) hoog worden en is een zeldzame soort uit het oorspronkelijke laurierbos op de Canarische Eilanden. 

Tegenwoordig kun je exotische soorten slangenkruid als bijvoorbeeld de 'Trots van Madeira'(Echium candicans) 's zomers gewoon bij het tuincentrum vinden. 

 

Verklaring van de naam

De naam Echium is afgeleid van het Griekse woord voor adder en verwijst naar de vorm van het plantendeel dat zaad bevat en op de kop van een slang lijkt! De uitstekende stijlen lijken op een gespleten slangentong. Vroeger werd de plant wel gebruikt tegen slangenbeten.

De Griekse lijfarts van keizer Nero schreef in het jaar 100 dat het eten van de wortel van slangenkruid samen met het drinken van wijn helpt tegen slangenbeten en deze zelfs helpt te voorkomen.

 

(Bron: Wikipedia; NYBG - Plant Talk - Virginia Bluebells: A Chameleon-Like Plant; Plantennamen info; Ecotoerisme Europa)

Slangenkruid zaailing ^ 

Zo blauw als de bloemen van slangenkruid! De foto nam ik in Bennekom bij een parkeerterrein ^     

 

 

 

 

 

 

Share on Facebook
Share on Twitter
Please reload