Ringmus

November 29, 2019

Yes! Ik kan wéér een nieuwe tuinvogel noteren. Een ringmus (Passer montanus). Dit jaar spot ik 'm hier voor het eerst, hij zit gezellig tussen de huismussen die in onze tuin bivakkeren. Op de foto zie je hem (of haar) zitten.

Ringmussen trekken buiten broedtijd vaak samen met huismussen op. Vooral een mannetjeshuismus lijkt veel op een ringmus. Bij ringmussen is geen verschil tussen mannetjes en vrouwtjes. Beide hebben een witte tot lichtgrijze halsring, die als een halsbandje om de nek zit. Verder hebben ringmussen een kastanjebruine kruin en de zijkant van de kop is wit en daarin zit een grote zwarte wangvlek.

Ring plus bruine kruin vielen mij meteen op; in de tuin van mijn ouderlijk huis in de Veluwse bossen zag ik veel ringmussen, in tegenstelling tot huismussen. Die leerde ik pas later (her)kennen, in het dorp. Een ringmus is ietsje kleiner dan een huismus (14 cm om precies te zijn; een huismus meet zo'n 16-16,5 cm), maar dat valt niet onmiddellijk op. 

Ringmussen vind je vooral in buitengebieden, aan de rand van dorpen en rond boerderijen. In de stad kom je ze niet tegen. Het zijn holenbroeders, ze nestelen in natuurlijke holtes. In knotwilgen en houtwallen, maar ook onder dakpannen en in schuren. Zo profiteren ook van voor koolmezen opgehangen nestkasten.

Ringmussen leven vooral van graan, (onkruid)zaden, insecten en larven. 

 

Rode Lijst

Net als de huismus heeft ook de ringmus het niet makkelijk in de strijd om het voortbestaan. Op de internationale Rode Lijst is de ringmus dan wel niet bedreigd, maar in 2004 is de ringmus wel als 'gevoelig' op de Nederlandse Rode Lijst gezet. Ringmussen gaan flink in aantallen achteruit. Dit ligt aan veranderingen in de landbouw, die steeds grootschaliger en intensiever wordt: graanteelt is vervangen door maïscultuur en er zijn te weinig akkers voor de ringmus om graan te vinden. Daarnaast zijn er steeds minder geschikte plekjes om in te nestelen. Heggen, knotwilgen en houtwallen zijn niet meer zo algemeen als vroeger. Het grootschalig gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen is al helemaal niet bevorderlijk.

 

Help de ringmus

Om de ringmus en ook andere vogels te helpen kun je in de tuin een aantal maatregelen nemen:

  • neem een dichte heg in plaats van schutting of hek, met inheemse struiken als meidoorn, sleedoorn, Spaanse aak en liguster. Deze biedt beschutting.

  • hang nestkasten op. Ringmussen maken hier gebruik van om in te broeden. Kies de juiste invliegopening (40 mm). Een goede maat voor een ringmussenkast is 12x12x28 cm. Zo'n kast lijkt op die van een koolmees, alleen het vlieggat is groter.

  • maak de tuin niet te netjes. Zorg voor rommelhoekjes met onkruid (zaden), blad (insecten, larven) en een takkenstapel of takkenril.

  • voer de vogels door zaden en zonnebloempitten aan te bieden.

  • gebruik géén chemische bestrijdingsmiddelen in de tuin. Zoek een alternatief.

(Bron: Wikipedia; De Vogelbescherming; Natuurkieker; Welkevogelisdit nl;

Links zit de huismus (v), rechs een ringmus (m/v) ^ 

 

Share on Facebook
Share on Twitter
Please reload