Wilg

Vorig jaar ontdekte dat er klein boompje opkwam in een pot bij een andere plant op het terras. Ik herkende het niet. Wat zou het kunnen zijn?! Ik plantte het boompje zolang in een plastic pot en zette die op een beschut plekje. Daar overleefde het de winter.

In het vroege voorjaar ging het boompje groeien en verschenen de eerste groene blaadjes. Nog steeds had ik geen idee wat het voor 'n soort boompje was. Omdat de pot te krap werd verhuisde het onbekende boompje naar een nog grotere bloempot. Voordat het een definitieve plek in de tuin krijgt (of juist niet) moest ik eerst maar eens uitzoeken wat het nou is.

Na wat speurwerk kwam ik tot de voorzichtige conclusie dat het een wilgje kon zijn dat was komen aanwaaien. Een boswilg (Salix caprea), misschien? Ik postte twee foto's op de site van een FB groep waar ik lid van ben (Wilde bloemen en planten voor floristen, botanici en liefhebbers). Direct reageerde er al iemand. Een boswilg zou kunnen, het was in ieder geval een breedbladig wilgje.

Soorten

De Latijnse geslachtsnaam Salix (Wilg) komt mogelijk van het Keltische sal (= dicht bij water), dat de plaats aangeeft waar veel wilgensoorten groeien. Het zou ook van het Latijnse salire (= snel groeien) kunnen komen.

Wist je dat er meer dan driehonderd soorten wilgen bestaan? Je kent er vast wel een paar, zoals de krulwilg (Paastakken), de schietwilg of de majestueuze treurwilg. De bekende knotwilg is geen soort maar een geknotte wilg. Een beheersvom.

Van alle wilgensoorten zijn er slechts twaalf inheems in Nederland en België:

  1. Amandelwilg (Salix triandra)

  2. Bandwilg (Salix 'Sekka', synoniem: Salix sacchalinensis 'Sekka' - verwilderd)

  3. Berijpte wilg (Salix daphnoides - verwilderd)

  4. Bindwilg (Salix alba var. vitellina - variëteit van de schietwilg)

  5. Bittere wilg (Salix purpurea)

  6. Boswilg (Salix caprea)

  7. Duitse dot (Salix dasyclados)

  8. Geoorde wilg (Salix aurita)

  9. Grauwe wilg (Salix cinerea subsp. cinerea)

  10. Katwilg (Salix viminalis)

  11. Kraakwilg (Salix fragilis)

  12. Kruipwilg (Salix repens)

  13. Laurierwilg (Salix pentandra)

  14. Rossige wilg (Salix cinerea subsp. oleifolia)

  15. Schietwilg (Salix alba)

Schietwilg en kraakwilg komen het meeste voor in Nederland. Wilgensoorten kruisen ook nog eens onderling. De kruising schietwilg x kraakwilg komt minstens zo vaak voor als de schietwilg en vaker dan kraakwilg. Schietwilg kan ook kruisen met een amandelwilg.

Wat meer over wilgen

Wilgen horen in ons land thuis en zeker in het polderlandschap. Het zijn prachtige bomen die in de lage delen van Nederland tot de oorspronkelijke beplanting behoren. Wilgen zijn echte pioniers die goed tegen natte voeten kunnen en meesters zijn in het overleven. Ze hebben een zeer groot regeneratievermogen.

Van oudsher werden wilgen, net zoals elzen, gebruikt om percelen in de polders te markeren. Vanwege hun uitgebreid wortelstelsel waren wilgen ideaal om ervoor te zorgen dat dijken en slootkanten niet wegzakten.

Wilgen zijn tweehuizig, dus aan een boom zitten óf mannelijke - óf vrouwelijke geslachtsorganen. De katjes, die later meeldraden krijgen, zijn de mannelijke bloemen. Iedere wilgensoort heeft zijn eigen katje, qua vorm en kleur. Katjes kunnen zilvergrijs, wit, zwart, groen of roze zijn en zitten ('staan') aan eenjarige wilgentakken. Kort hierna verschijnen de vrouwelijke katjes met uitsluitend stampers.

Na de bevruchting worden de zaadjes gevormd die aan zaadpluizen weg zweven. Ze worden door de wind meegenomen en verder verspreid maar zijn slechts korte tijd kiemkrachtig. Op open terrein (licht!) dat voldoende vochtig is kunnen de zaden ontkiemen.

Wilgen zijn gemakkelijk te stekken! Steek een paar vers gesneden wilgentakken in vochtige grond en ze gaan al gauw wortelen. Wilgen zijn zeer snelle en sterke groeiers.

Wilgen worden niet oud, slechts een jaar of 20. Wilgenhout is zacht en met wat wind waaien ze gemakkelijk om. Ook zijn wilgen gevoelig voor ziektes, waaronder de watermerkziekte (Brenneria salicis). Deze verstopt de vaten waardoor delen van de wilg of zelfs de hele boom afsterft. Geknotte wilgen worden wat ouder, ze kunnen wel 50 jaar worden.

Het knotten van wilgen is van oorsprong een boerengebruik. Behalve wilgen werden ook bomen als populier, es, eik en els geknot. Knotten doe je bij voorkeur in de wintermaanden, als er geen blad meer aan de bomen zit. Het mag niet vriezen. Je kunt wilgen elk jaar knotten, maar om de 2 á 3 jaar kan ook.

Het zachte wilgenhout werd traditioneel gebruikt voor het maken van klompen, stelen voor allerlei gereedschappen als harken, schoffels, bezems en bijlen. Van 'wilgentenen' - dunne twijgen - kunnen er manden worden gevlochten. Tegenwoordig worden er ook wel wilgenschuttingen gevlochten. Al eeuwenlang levert de wilg mooie, rechte houtskool om mee te tekenen. Vroeger kauwde men op wilgenbast als verlichting voor pijn door jicht en reumatiek. Hierin zit salicine, het hoofdbestanddeel van aspirine.

Boswilg

Het Latijnse Caprea in de naam betekent geit. Geiten zijn dol op jonge takken en bladeren. De boswilg - ook wel waterwilg genoemd - komt algemeen voor in Europa en Noordoost-Azië. Anders dan de naam 'waterwilg' aangeeft groeit een boswilg niet alleen op vochtige plaatsen. Boswilgen vind je vooral in gemengd loofbos. Een boswilg kan 10 - 12 m hoog worden.

Door de vroege bloei is de boswilg, net als andere wilgensoorten, erg in trek bij bijen en hommels. De mannelijke katjes zijn eivormig en bedekt met zilvergrijze haartjes. Later komen er gele meeldraden aan. De vrouwelijke katjes zijn groen en langer en dunner dan de mannelijke katjes en hebben korte, witte stijlen (stampers).

De boswilg kan ook met andere wilgensoorten kruisen, zoals met de rossige wilg, geoorde wilg, katwilg en grauwe wilg. Of mijn breedbladig wilgje een zuivere boswilg is blijft voor mij als leek gissen.

Wilgen in de tuin

Niet alle wilgen zijn geschikt om in een gemiddelde tuin te houden omdat ze erg groot worden. Treurwilgen worden wel 25 m hoog en hebben veel ruimte nodig, maar kleinere wilgensoorten zijn ideaal voor in kleine tuinen met normale - tot vochtige grond. Een paar variëteiten:

  • Salix purpurea 'Nana' - elegant wilgje met smal, grijsgroen blad. De mannelijke katjes zijn roodbruin (april - mei) en de vrouwelijke katjes zijn behaard en geelgroen van kleur. Hoogte: 160 - 200 cm.

  • Salix gracilistyla 'Mount Aso' - Afkomstig uit Japan. Hoogte: ca. 300 cm. Wordt vrij breed maar snoei wordt goed verdragen.

  • Salix integra 'Hakuno-Nishiki’ - Klein, aantrekkelijk wilgje dat zelfs goed in een pot te houden is. Het blad is roze in de lente en wit met groen in de zomer. Het komt ook uit Japan.

! Pas op met het planten van wilgen bij rioolbuizen of waterleidingen. Hun wortels worden aangetrokken tot water en ze kunnen buizen verstoppen of afknellen. Zet wilgen beter ook niet in de buurt van kabels.

(Bron: Wikipedia; 47 Green nl; Wilde planten nl; RHS)

Het wilgje dat kwam aanwaaien ^

Het blad is eirond met een spitse punt en glanzend groen ^