Maak van je tuin een toevluchtsoord voor dieren

May 20, 2020

Toen ik pas begon met tuinieren haalde ik de paardenbloemen uit het grasveld en in de herfst maakte ik de tuin netjes 'winterklaar'. Dat laatste doe ik nu niet meer, maar paardenbloemen uitsteken - ik geef het maar eerlijk toe - doe ik nog wél. Dat zit er niet alleen ingebakken, ik wil gewoon niet dat ze het gazon overnemen of planten in de border verdrukken. Er hoeft er maar één zaad te schieten... Dat is een beetje dubbel. Want ik hang wél een 'insectenhotel' op voor solitaire bijen en ander klein spul. Met paardenbloemen help je de insecten misschien nog wel meer! Paardenbloemen zijn een belangrijke nectarbron in het voorjaar. Als je het wildleven wilt stimuleren en een tuin wilt waar het wemelt van allerlei diertjes moet je offers brengen. 

Dat begint met het vermijden van chemische middelen. Als je de slakken met gif doodt hebben de egels, padden en lijsters niks meer te eten en vaak dood je hen zo indirect ook. Door tegen bladluizen of rupsen te spuiten hebben de mezen straks te weinig voedsel om aan hun jongen te voeren. Of hun jongen sterven door het gif dat ze via de luizen en rupsen binnenkrijgen. Een voorbeeld hiervan is de mezensterfte door bestrijding van de buxusmot met gif. Dat er zoveel minder insecten zijn komt zeer waarschijnlijk door het gebruik van pesticiden in de land- en tuinbouw. Alles hangt samen! 

 

Door je tuin - of een hoekje van je tuin - op een natuurlijke en diervriendelijke manier in te richten wordt je tuin een toevluchtsoord voor veel diersoorten. Dieren hebben planten nodig en vinden er voedsel en een veilig onderkomen. Zo'n groene zone fungeert als een soort van stapsteen om van het ene naar het andere gebied te komen. Zulke groene corridors zijn hard nodig in ons land, dat steeds meer verstedelijkt.

De oppervlakte van alle Nederlandse tuinen is behoorlijk groot. Als we allemaal een beetje aan de dieren denken zou dat hen enorm helpen en ons ook. Een tuin vol leven en groen is goed voor onze gezondheid. 

Je hoeft niet meteen je hele tuin 'om te gooien' om de dieren in je tuin te helpen. Richt je ook niet op één diergroep (egels, bijen, vogels, vlinders) maar op de hele natuur. Begin eens met een paar dingen: 

  1. Gebruik geen chemische middelen om onkruid en plagen te lijf te gaan. Dat is schadelijk voor het milieu en uiteindelijk komt het gif in ons grondwater terecht, met alle gevolgen van dien.

  2. Zorg voor een afwisselende beplanting als beschutting en nestgelegenheid voor vogels. Kies struiken/bomen met bessen en noten (Gelderse roos, meidoorn, lijsterbes, vuurduurn, hazelaar). 

  3. Zorg voor water in de tuin, dat trekt leven aan. Maak een vijver(tje) of zet een vogelbadje neer. Stromend water is niet zo geschikt. 

  4. Laat rommelhoekjes in de tuin ontstaan met verwilderde heesters, klimplanten, dode stengels, blaadjes en onkruid. Brandnetels zijn waardplanten van Atalanta, Dagpauwoog en Kleine vos.

  5. Laat op een paar plekjes in de tuin het gras lang worden. Dat trekt veel insecten aan en die zijn onmisbaar in de natuur. Hier komen weer veel vogels op af.

  6. Plant vroegbloeiende bollen en planten voor vroege insecten (krokusjes, sneeuwklokjes, narcissen, camassia, kievitsbloemen, lonkruid, enz.). 

  7. Bouw een takkenhoop tegen een hek of de schuur of vlecht een takkenril. Takken en bladeren vormen een ideale schuilplaats voor egels en vogels. Je kunt ze met allerlei planten laten begroeien (dovenetel, kamperfoelie, klimop) zodat het er niet kaal uitziet. 

  8. Ga voor een variatie aan voor insecten toegankelijke bloemen. Dat zijn vaak schotelvormige, open bloemen. Aan dubbele bloemen - vaak cultivars -  hebben insecten niks. Er staan allerlei lijsten op het internet met bijen- en vlinderplanten (Bijenstichting, Vlinderstichting en De Tuinen van Appeltern).

  9. Lok natuurlijke vijanden van luizen (gaasvliegen, zweefvliegen, lieveheersbeestjes, aaltjes en parasitaire wespen) met planten, zoals dille, engelwortel, goudsbloemen en afrikaantjes. Of bestel  ze via het internet.

  10. Snoei hagen buiten het broedseizoen, tussen oktober en januari.

  11. Knip oude stengels en plantenresten pas in maart af, zodat insecten er 's winters beschutting vinden. 

  12. Hang nestkastjes op voor de vogels. Andere dierensoorten kun je onderdak verschaffen met insectenhotels, vlinderkastjes, vleermuizenkasten, egelhuizen, etc. Je kunt ze gemakkelijk zelf maken.

  13. Maak een 'stoeptegeltuintje'. Licht een tegel of steen op voor de gevel van je huis, schuur of garage en zaai of plant er bloemen in. Stokrozen (Alcea rosea) - géén dubbele - zijn heel geschikt voor op een zonnige plek.

(Bron: Vroege Vogels; Gardeners' World Magazine; De Vogelbescherming; TuinSeizoen)

Met een instectenhotel help je solitaire bijen, kevertjes, oorwormen en spinnetjes ^

Deze paardenbloem laat ik bloeien...maar geen zaad schieten ^ 

Lang gras in de voortuin ^

 

 

 

 

 

 

Share on Facebook
Share on Twitter
Please reload